Cases: Mediation vasstellingsovereenkomst bij cateraar

Uit elkaar middels vaststellingsovereenkomst
Vandaag begon ik aan een nieuwe kwestie tussen werkgever (mevrouw Jansen*) en werkneemster (mevrouw De Bruin*). Mevrouw De Bruin had telefonisch aangegeven graag een intake gesprek te willen. Zodoende plande ik dit met mevrouw De Bruin en als ik dat doe, plan ik ook altijd een intakegesprek met werkgever zodat het in balans blijft.

Mevrouw De Bruin vertelt dat de locatie waar haar organisatie als cateraar werkt en zij als chef kok werkzaam was, werd overgenomen door een andere cateraar. In de onderhandelingen was geregeld dat zij mee mocht naar de nieuwe werkgever. Echter, de locatie had gezegd niet meer met mevrouw De Bruin te willen werken waardoor werkgever een andere locatie aanbood. Mevrouw De Bruin vertelt dat ze dit niet begreep. Ze had er naar alle tevredenheid vele jaren gewerkt! En nu dan dit? Mevrouw De Bruin raakt emotioneel. De huidige locatie is duidelijk niet wat ze wil. Ze kan haar ideeen niet kwijt. Ze moet nu uitvoeren wat een ander heeft bedacht. Alles bij elkaar maakte dat ze zich ziek heeft gemeld, het is allemaal teveel. Bovendien moet ze nu best een eind reizen terwijl ze voorheen 10 minuten moest fietsen naar haar werk. We praten hier nog een tijdje over door. Verder praten we over wat ze het liefst zou willen.

Vervolgens spreek ik met mevrouw Jansen. Aan haar vraag ik ook wat er aan de hand is. Zij vertelt dat ze bij het overnemen van het contract ook het personeel hebben overgenomen en dat er voor mevrouw De Bruin een oplossing gezocht moest worden. Ze hebben haar 4 nieuwe locaties aangeboden maar niets was goed genoeg. De ene locatie was te ver, bij de andere locatie boterde het niet met de vestigingsmanager en bij de huidige locatie zou de functie niet op haar niveau zijn. Mevrouw Jansen zou willen dat mevrouw De Bruin zichzelf inzet en dan komt er mogelijk wel weer iets dat beter past, maar nu is dit de enige mogelijke werkplek. Bovendien is het wel vervelend dat werkneemster roddelt en ze is niet flexibel. Iedereen moet wel eens afwassen of het vuil opruimen, alleen mevrouw De Bruin vindt dat dit niet bij haar taak hoort. Kijk dat is niet handig als je in een team werkt. Maar goed, het is wel een probleem. We praten ook nog over mogelijke oplossingen, maar mevrouw Jansen geeft ook aan dat dit ook afhankelijk is van wat werkneemster wil.

Tijdens het gezamenlijke gesprek praten we nogmaals over wat partijen verdeeld houdt. Tevens staan we stil bij wat beide partijen belangrijk vinden. Vervolgens spreek ik ook tijdens deze bijeenkomst partijen nog kort ieder afzonderlijk, waarna we weer gezamenlijk alvast even stilstaan bij de mogelijke opties. Hier gaan we in het volgende gesprek op door, maar dan kunnen ze dit in de tussenliggende periode alvast voorbereiden. Een week later tref ik partijen weer. Vandaag staat op de agenda om te praten over opties. Ik vraag of ze hierover zoals afgesproken, hebben nagedacht. Mevrouw De Bruin geeft aan dat ze het allemaal heel lastig vindt en dat ze wel bereid is om weg te gaan met een overeenkomst, mits ze dan in de WW kan. We praten hierover en mevrouw Jansen geeft aan wel een voorstel te willen doen, maar dat ze niet moet verwachten dat ze dan ook nog geld mee krijgt want dat geld is er gewoon niet. Ik besluit om partijen nog even afzonderlijk te spreken om de verwachtingen te managen. Partijen gaan uit elkaar met de afspraak dat mevrouw Jansen een voorstel voor een vaststellingsovereenkomst zal maken.

Per mail volgen de onderhandelingen en 2 weken later is het voorstel getekend.

* de namen in deze casus zijn fictief